
Passen, gletsjers en 48 vierduizenders
Zwitserland is het land van de pas. De Alpen bereiken hier hun hoogste vorm, met 48 toppen boven de 4.000 meter en gletsjers die de Rijn, de Rhône, de Aare en de Ticino voeden. Daarnaast liggen de Jura met zijn lange kammen en het Mittelland met meren en heuvels.
De wandelpaden zijn beter onderhouden dan waar ook, met gele wegwijzers die tijden en hoogtes aangeven.
Van juni tot oktober zijn de passen open. In het hooggebergte blijft sneeuw tot in juli.

De klassieker rond de Mont Blanc: 164 kilometer, drie landen, elf etappes van 6 tot 20 kilometer en elke dag een balkon aan de voet van de hoogste berg van de Alpen.

Zes dagen over de passen van het Berner Oberland, van Meiringen langs de Eiger-noordwand en over de Sefinenfurgge en het Hohtürli naar Lenk: de klassieke Via Alpina-week.