
Over de citadel van kalk, naar de Drôme
De Grande Traversée du Vercors Nord is een achtdaagse rond- en dwarswandeling door het Vercorsmassief, van Saint-Nizier-du-Moucherotte boven Grenoble naar Die aan de zuidoostkant van het massief. De route volgt de eerste etappes van de Grande Traversée du Vercors, de langeafstandsroute die het parc naturel régional du Vercors zelf heeft uitgezet en die gemarkeerd is met het GTV-bordsysteem, deels samenvallend met de GR91. De uitwerking hier telt 129 kilometer met ruim 7.700 hoogtemeters, verdeeld over acht etappes die telkens in een dorp of gehucht met logies eindigen: Villard-de-Lans, Col de l'Arzelier, Saint-Andéol, Gresse-en-Vercors, Chichilianne, Les Nonières, Châtillon-en-Diois en Die.
Het noordelijke en centrale deel is het alpine deel van het massief. Over de oostelijke balkonrand loopt de route langs de Grande Moucherolle (2.285 meter) onder de kalkwanden van de oostelijke barrière, met open blik op de Alpenketen van de Mont Blanc tot de Écrins. Vanaf Gresse-en-Vercors klimt de route naar de flanken van het Grand Veymont (2.341 meter), het hoogste punt van het massief, en passeert ze het Mont Aiguille, de kalknaald die 300 meter boven het plateau uitsteekt en in 1492 voor het eerst werd beklommen, een van de eerste gedocumenteerde rotsbeklimmingen. Etappes vijf en zes lopen door de Réserve naturelle des Hauts-Plateaux, met 17.000 hectare het grootste natuurreservaat van het vasteland van Frankrijk: een kaal, watervrij karstplateau waar alleen schaapherders met hun patouhonden komen en waar marmotten, steenbokken en met geluk een lammergier te zien zijn.
In het zuidelijke deel, tussen Chichilianne en Die, verandert het karakter: het cirque d'Archiane, een halve cirkel van oranje kalkwanden, en de montagne de Glandasse horen bij de Diois, waar lavendel en wijnstokken het landschap overnemen. Die, een gallo-romeinse stad, is het eindpunt, met een treinstation en directe treinen richting Valence.
Praktisch. Acht dagetappes tussen 8 en 21 kilometer, met uitzondering van de korte overgangsdag bij Saint-Andéol dagelijks 830 tot 1.150 hoogtemeters, gemarkeerd volgens het GTV-bordsysteem en deels samenvallend met de GR91. Seizoen: juni tot eind september is de beste periode; in mei ligt op de Hauts-Plateaux vaak nog sneeuw, na de herfst sluiten de gîtes. Boek je overnachtingen ruim vooraf, want de gîtes d'étape langs de route zijn klein en het seizoen kort. Grenoble is het praktische aankomstpunt: een streekbus rijdt naar Saint-Nizier-du-Moucherotte. Aan de finish heeft Die een treinstation met rechtstreekse treinen richting Valence en de TGV-aansluiting van Valence TGV.
De Grande Traversée du Vercors Nord is hier opgedeeld in 8 etappes van 8 tot 21 kilometer, samen 129 km, van Saint-Nizier-du-Moucherotte naar Die. De etappes hieronder zijn een voorbeeldindeling: in de planner stel je je eigen dagen samen en kies je waar je slaapt.

Saint-Nizier-du-Moucherotte - Villard-de-Lans
De dag opent boven Grenoble, langs het betonnen geraamte van het olympisch schanscomplex van 1968 dat boven het dal uitkijkt. Over de crête naar het Moucherotte (1.901 m), waar bij helder weer de hele Alpenketen van de Mont Blanc tot de Écrins in enen deur staat. Daarna rustiger: het plateau van de Ramées, het dal van Lans-en-Vercors en via het Gobert-pad, een smal balkonnetje boven de vallei, de afdaling naar Villard-de-Lans, de enige echte stad van de tocht.

Villard-de-Lans - Col de l'Arzelier
Eerst het vallon van de Fauge in, met de waterval van dezelfde naam in het achterland van Villard. Daarna klimt de route op naar de Col Vert en kantelt ze over het Pas de l'Âne terug naar de oostflank: van hier tot Gresse loopt je etappes lang onder de kalkwanden van de oostelijke barrière, over smalle paden tussen stenen en puin, met het Isèredal 1.200 meter rechtsonder. De etappe eindigt op de Col de l'Arzelier, een bergpas met een hotel en een prachtige blik op de Grande Moucherolle.

Col de l'Arzelier - Saint-Andéol
De kortste etappe, en een van de mooiste: een bochtige slinger onder de Grande Moucherolle langs, over de Bois Ras en langs het Rocher du Playnet, telkens met die open blik op de noordelijke keten van het massif. Halverwege kan je in een steek pinnen: rechts de Grande Moucherolle (2.285 m) en de Tête des Chaudières, links het dal van de Bourne. De afdaling naar Saint-Andéol, een gehucht van dertig huizen met een bivouac-terrein, voelt als thuiskomen op een bergweide.

Saint-Andéol - Gresse-en-Vercors
Terug op het balkonpad, nu via de Tours du Playnet en de Grandes Tartices, met het plateau steeds droger en hoger. De Abri de la Peyrouse, een open hut, biedt het mooiste terras van de dag met zicht op de hele oostelijke barrière. Vanaf het Grand Brisou (1.674 m) kantelt de route naar het zuiden, en langs het Rocher du Cléton verschijnt voor het eerst de dubbele piramide van het Grand Veymont (2.341 m), het dak van het Vercors. De etappe eindigt in Gresse-en-Vercors, met 1.240 meter het hoogste dorp van het massif.

Gresse-en-Vercors - Chichilianne
De marmerdag, met het Mont Aiguille constant in het oog. Via de Baraque du Veymont en de Tiolache daalt de route naar het gehucht La Bâtie, met zijn typische Trièves-huizen, en klimt dan weer op naar de Col des Pellas en de Col de Papavet, waar ze een korte incursie maakt in de Réserve naturelle des Hauts-Plateaux. De afdaling naar Chichilianne loopt langs de helling van het Mont Aiguille zelf, de 200 meter hoge kalknaald die al sinds de zestiende eeuw 'de zevende wonder van Dauphiné' heet.

Chichilianne - Les Nonières
Een rustiger dag, met het zware werk aan het begin: via Tapas de Bégoud naar het Pas de l'Essaure, de poort naar het hart van de natuurreservaat. Daarna wisselen open plekken en bos elkaar af, over paden, boswegen en enkele stille asfaltkilometers, terwijl het karakter van het landschap langzaam Provençaals wordt. De etappe eindigt in Les Nonières, een gehucht van de commune Saint-Julien-en-Quint, midden in het Quint-vallei.

Les Nonières - Châtillon-en-Diois
De dag van het cirque d'Archiane, het meest gefotografeerde amfitheater van het Vercors: een halve cirkel van oranje kalkwanden boven een groene weide. Na een bosweg naar Bénevise loopt de route over een mooi pad langs de barrière naar het gehucht Archiane, daarna over de Col Gorodel naar Châtillon-en-Diois, een middeleeuws dorp met een arena van wijnvelden eromheen, waar de Clairette al glundert op de kaart van elk restaurant.

Châtillon-en-Diois - Die
De slotetappe loopt over de flanken van de montagne de Glandasse, het gigantische rotsmassief dat als een muur boven het Diois hangt. Door pinusbos naar de Col des Caux en de Col de l'Abbaye, met telkens een laatste blik terug op Châtillon en zijn wijnvelden. De afdaling gaat langs de Abbaye de Valcroissant, een twaalfde-eeuwse cisterciënzerabdij die de wandelaars als gîte verwelkomt, en over het Pas de Bret naar Die, waar de Romeinse poorten, het archeologisch museum en een terras met Clairette de Die de tocht afsluiten.
Hieronder vind je de antwoorden op enkele veelgestelde vragen.
Begin vandaag met het plannen van je avontuur!
Open deze trip in de gratis Vandra app en kopieer hem naar je eigen account, zodat je hem kunt aanpassen en vrij plannen, precies zoals jij dat wilt.

De legendarisch zware langeafstandsroute over Corsica: vijftien etappes van refuge naar refuge, van Calenzana naar Conca, over graniet en langs de aiguilles de Bavella.

De klassieker rond de Mont Blanc: 164 kilometer, drie landen, elf etappes van 6 tot 20 kilometer en elke dag een balkon aan de voet van de hoogste berg van de Alpen.