
Zeven dagen van Soltau naar Celle
De Südheide is het zuidelijke deel van de Heidschnuckenweg, de wandelroute door de Lüneburger Heide. Dit deel loopt in zeven etappes zo'n 112 kilometer van Soltau naar Celle, door bossen en heidevelden die dunner bebouwd zijn dan in het noordelijke deel, en eindigt in de altstad van Celle met het renaissancepaleis, het oudste theater van Duitsland (1671) en rond 400 vakwerkhuizen.
Onderweg heeft elke dag een eigen gezicht. De Lönsstein op de Wietzer Berg, het monument voor heidedichter Hermann Löns, kijkt uit over een van de bekendste heidepanorama's van Duitsland. Het Wacholderwald bij Schmarbeck is het grootste jeneverbesbos van Noord-Duitsland: honderden bizar gedraaide struiken op een heuvelrug. Het Tiefental is een smal, stille dal waar het panorama van de rand verrassend breed is. En bij de Angelbecksteich vertelt een gedenksteen het donkerste verhaal van de Heide: de bosbrand van augustus 1975, de grootste die Duitsland kende, waarvan de dennen die er nu groeien de stille getuigen zijn.
Praktisch. Zeven etappes van 7 tot 27 kilometer, vooral zand en bos, met in totaal nauwelijks 300 meter klimmen. De route is overal gemarkeerd met een wit 'H' op zwart vlak. Eten en drinken zijn beperkt onderweg, vooral op de langere etappes in de Zuidheide: neem proviand mee. Overnachten in Müden (Örtze), bij de Oberoher Heide, in Hermannsburg en in Celle; de Celle is per IC en ICE te bereiken via Hannover of Uelzen. De mooiste tijd is augustus tot half september, wanneer de heide bloeit en een weekend-Heide-Shuttle tussen de etappepunten rijdt.
De Heidschnuckenweg Südheide is hier opgedeeld in 7 etappes van 7 tot 27 kilometer, samen 108 km, van Soltau naar Residenzstadt Celle. De etappes hieronder zijn een voorbeeldindeling: in de planner stel je je eigen dagen samen en kies je waar je slaapt.

Soltau - Wietzendorf
De Zuidheide begint rustig. Soltau uit via het park van Breiding Garten, daarna een dag van zachte afwisseling: bos, akker, weide, heide, telkens op de randen het mooist. Bij de Weiher Bergen ligt een breide strook heide en jeneverbes langs het pad, en op het onopvallende Königsberg opent het zicht ineens tot aan de horizon. De Grosse Aue begeleidt je naar Wietzendorf, waar het dorp langzaam tot rust komt. Een etappe zonder grote hoogtepunten, juist daarom zo typisch voor de Zuidheide: het landschap zoals het is.

Wietzendorf - Müden (Örtze)
De postkaartdag. Na een zachte klim over de Häteler Berg volgt het Wietzer Berg-plateau, en daar staat hij: de Lönsstein, een zwerfkei ter ere van heidedichter Hermann Löns, bovenop een van de beroemdste uitzichten van de hele route - jeneverbesstruiken, heidevlekken, berken, en in de verte het dal van de Örtze. De afdaling voert langs de Lönskiosk naar Müden (Örtze), waar de Wietze in de Örtze stroomt. Het dorp zelf hoort bij de mooiste van de Heide: een kerkje, grote boerderijen met kleurige tuinen, en een wildpark aan de rand.

Müden (Örtze) - Faßberg
De korte dag, en een om langzaam te doen. De Örtze volgt je vanaf de oude watermolen, eerst langs het brede Heidesee, daarna in de jungle-strook van het Fluss-Wald-Erlebnispfad: hoog gras, elzen, insecten, en het bruine water dat ijsvogels en zelfs bevers aantrekt. Na Poitzen verlaat het pad de rivier; de oude spoorlijn kondigt Faßberg aan, een dorp dat pas in de jaren dertig bij het vliegveld ontstond en er nog steeds om draait. Neem de tijd vandaag: 7 kilometer is geen opgave, maar een ochtendwandeling met middag over.

Faßberg - Oberoher Heide
De dag van de jeneverbes. Faßberg uit langs het vliegveld, waar het Lufbrücke-museum herinnert aan de rosinbommenwerpers die hier in 1948 naar Berlijn vlogen. Daarna het hoogtepunt: de Wacholderwald van Schmarbeck, Noord-Duitslands grootste jeneverbesbos, waar honderden bizarre, in alle vormen gedraaide struiken een heuveltje bekronen. Over de Haußelberg, met een schutzhütte en een van de oude meetstenen van Gauss, loop je door een stillere en stillere bos totdat de grote Oberoher Heide opent: een van de mooiste heidevelden van de Zuidheide, met uitzicht tot ver.

Oberoher Heide - Weesen
De ontdekkersdag. De Oberoher Heide verlaat je zichtbaar met tegenzin, langs een markante oude beuk. Daarna een van de onbekende hoeken van de Heide: het heideveld bij de Schillohsberg, waar volgens de routebeschrijving niet eens alle locals komen, en het gehucht Lutterloh, een verzameling boerderijen onder reusachtige eiken met een typisch Treppenspeicher-schuur. Weesen zelf is klein en groen, een dorpje dat de nachtrust verzorgt tussen de heidevelden door. Het gevoel van aangekomen zijn in de stilte van de Zuidheide.

Weesen - Dehningshof
De dag van het Tiefental. Eerst de Misselhorner Heide, een langgerekte heidestrook die als boog door het bos loopt. Dan opent zich plotseling het Tiefental: een smal dal waar het panorama vanaf de rand verrassend breed is en de stilte voelbaar. Onderweg vertelt de route het donkerste verhaal van de hele Heide: in augustus 1975 woedde hier de grootste bosbrand van Duitsland, waarvan de dennen die nu groeien de stille getuigen zijn. Bij de Angelbecksteich staat een gedenksteen, en rond het mooie water is een barrièrevrij wandelpad aangelegd. De dag eindigt midden in het bos bij de Dehningshof, een gasthof zonder buren.

Dehningshof - Residenzstadt Celle
De slotdag, van diepe bosstilte naar koninklijke stad. Langs de Severloher Heide en over de Citronenberg, waar in 1892 zestien dagen lang een militaire smalspoorbaan door de loopgraaf liep - een voetnoot uit de geschiedenis. De Wildecker Teiche bieden een verrassend groot wateroppervlak vol trekvogels. Na Scheuen komt de beloning: de Allerwiesen, een breed weidelandschap langs de rivier, en Celle dat voor je opdoemt. Door de Triftanlagen loop je het park in, en dan staat daar het Residenzschloss met zijn watergracht: het einde van de Heidschnuckenweg. De historische altstadt met honderden vakwerkhuizen is de mooiste stadsfinale die je je kunt wensen.
Hieronder vind je de antwoorden op enkele veelgestelde vragen.
Begin vandaag met het plannen van je avontuur!
Open deze trip in de gratis Vandra app en kopieer hem naar je eigen account, zodat je hem kunt aanpassen en vrij plannen, precies zoals jij dat wilt.

Vier dagen door het Nationaal Park Eifel: beukenbossen, open hoogvlaktes en de meren langs de Rur. Stille paden, bronstige herten in de herfst en het verlaten dorp Wollseifen.

Acht etappes op de schildersroute door Saksisch Zwitserland: een lus rond de Elbe, over zandsteentorens, duizelingwekkende paden en stenen trappen, van Liebethal naar Pirna.

Een kwaliteitspad van 63 km rond de Diemelsee: meerzichten, een abdij, een bezoekersmijn en stille hoogvenen.